CPC staat voor cost per click: wat je betaalt voor één klik op je advertentie. Het is het cijfer waar beginnende adverteerders het meest naar kijken, en meestal het verkeerde om op te sturen.
Hoe de prijs tot stand komt
Bij elke zoekopdracht draait er een veiling. Wat je betaalt hangt niet alleen af van je bod, maar ook van hoe relevant Google je advertentie en je landingspagina vindt. Een betere advertentie betekent dus letterlijk een lagere prijs voor dezelfde positie.
Je betaalt bijna nooit je maximale bod
Je bod is wat je maximaal wilt betalen. In de praktijk reken je net genoeg af om boven de volgende adverteerder te staan. Je gemiddelde CPC ligt daardoor vrijwel altijd lager dan je bod.
Waarom een lage CPC niet het doel is
Je kunt je kosten per klik altijd omlaag krijgen door op bredere, goedkopere zoekwoorden te bieden. Je krijgt dan meer klikken voor minder geld, en minder aanvragen. Goedkoop verkeer dat niets oplevert is duurder dan dure klikken die klanten opleveren.
Het cijfer waar je wel op stuurt
De kosten per conversie: wat een aanvraag of een verkoop je kost. Dat kun je afzetten tegen wat een klant je oplevert. Meet je dat niet, dan is elke uitspraak over je Ads-resultaat een gevoelskwestie.
Waarom CPC per branche verschilt
In markten waar een klant veel waard is en veel partijen adverteren, liggen de kosten per klik hoger. Dat is geen probleem zolang de waarde van een klant meegroeit. Vergelijk je CPC daarom nooit met een gemiddelde uit een blog, maar met je eigen marge.
Hoe je hem verlaagt zonder in te leveren
Sluit zoekopdrachten uit die niet passen, maak je advertenties relevanter voor het zoekwoord, en zorg dat je landingspagina aansluit op wat er in de advertentie staat. Dat verlaagt je kosten en verhoogt je conversie tegelijk, en dat is het enige soort besparing dat telt.
De rest van de opzet van een campagne staat in de uitleg over Google Ads.
